Inleiding: waarom de geschiedenis van Arras de moeite waard is
Arras is een van de meest fascinerende historische steden van Noord-Frankrijk, en wie er een dag doorheen wandelt, begrijpt meteen waarom. De stad heeft letterlijk lagen: boven de grond torenen Vlaamse barokke gevels op langs twee van de mooiste arcadepleinen van Europa, terwijl je onder de straten een ondergronds labyrint van krijttunnels aantreft dat al duizend jaar oud is. Arras was door de eeuwen heen een economisch centrum van de Lage Landen, een bolwerk van de Spaanse Habsburgers, een slachtveld tijdens de Eerste Wereldoorlog en een stad die zichzelf na totale verwoesting opnieuw opbouwde met een opmerkelijke nauwkeurigheid. Het resultaat is een stad die eruitziet alsof de tijd heeft stilgestaan, maar die tegelijkertijd een levend bewijs is van menselijke veerkracht. In 2026 zijn de meeste monumenten en musea volledig toegankelijk, zijn de entreeprijzen betaalbaar en zijn er goede rondleidingen beschikbaar in het Nederlands en Engels. Of je nu geïnteresseerd bent in middeleeuwse handel, oorlogsgeschiedenis of barokke stedenbouw: in Arras vind je het allemaal op loopafstand van elkaar.
De Grand’Place en Place des Héros: twee pleinen vol geschiedenis
Het hart van Arras bestaat uit twee naadloos op elkaar aansluitende pleinen: de Grand’Place en de Place des Héros (ook bekend als de Kleine Markt). Samen vormen ze een van de grootste en best bewaarde ensembles van Vlaamse barokarchitectuur ter wereld, opgenomen op de Unesco Werelderfgoedlijst als onderdeel van de Belgische en Noord-Franse belfortenroute. De gevels met hun trapgevels, pilasters en boogvensters dateren grotendeels uit de 17e en 18e eeuw, al werden ze na de Eerste Wereldoorlog nauwgezet herbouwd aan de hand van historische foto’s en tekeningen.
Op de Place des Héros staat het imposante stadhuis (Hôtel de Ville) met zijn gotische belfort uit de 15e eeuw, aangevuld met een Renaissance-vleugel. Je kunt de belforttrap beklimmen voor een panoramisch uitzicht over de stad en het omliggende vlakke landschap van de Artois. De toegang kost in 2026 circa € 4 per volwassene. Op hetzelfde plein bevinden zich gezellige cafés onder de arcades, waar je kunt zitten op de plek waar eeuwenlang wol- en lakenhandelaars hun koopwaar uitstallden. Arras was in de Middeleeuwen namelijk een van de rijkste handelssteden van Europa dankzij zijn beroemde wandtapijten, de zogenoemde arrazzi, die hun naam zelfs aan het Italiaans leenden. Neem de tijd om de architectuurdetails te bestuderen: elk gebouw heeft een subtiel andere gevel, een bewuste keuze van de herbouwers na 1918.
De Carrières Wellington: ondergronds Arras tijdens de Eerste Wereldoorlog
Onder de stad bevindt zich een van de indrukwekkendste oorlogsmonumenten van Noord-Frankrijk: de Carrières Wellington, een netwerk van ondergrondse tunnels en kamers dat tijdens de Eerste Wereldoorlog door Nieuw-Zeelandse mijnwerkers werd uitgebreid. Het bezoekerscentrum aan de Rue Delétoile 3 is in 2026 dagelijks open van 10.00 tot 17.30 uur (gesloten op maandagen buiten het hoogseizoen). Een geleid bezoek duurt ongeveer 75 minuten en kost € 13 per volwassene, € 8 voor kinderen van 7 tot 14 jaar; kinderen jonger dan 7 jaar zijn gratis welkom.
De tunnels waren geen oorlogsuitvinding: de ondergrondse boves, zoals de Arrasgeoïden ze noemen, bestaan al sinds de Middeleeuwen en dienden als opslagruimte voor wol en wijn. Tijdens de Slag om Arras in april 1917 verscholen tienduizenden Britse en Australische soldaten zich in dit labyrint voordat ze massaal uit de grond oprezen voor het offensief. Je ziet nog steeds inscripties van soldaten in de wanden, gevechtskaarten en rekwisieten uit die tijd. De rondleiding wordt gegeven door goed getrainde gidsen die de militaire strategie helder uitleggen. Het is raadzaam om vooraf te reserveren via de officiële website van het Atelier du Tourisme d’Arras, want de capaciteit per rondleiding is beperkt tot zo’n 25 personen. Draag stevige schoenen: de tunnels zijn vochtig en de vloer is onregelmatig.
De Abdij van Saint-Vaast en het Musée des Beaux-Arts
Aan de Rue Paul Doumer 22 staat de imposante abdij van Saint-Vaast, een van de grootste religieuze bouwwerken van Noord-Frankrijk. De oorspronkelijke abdij dateerde uit de 7e eeuw en was gewijd aan de heilige Vedastus, de bisschop die de bevolking van Arras bekeerde tot het christendom. Het huidige gebouw is een neoclassicistisch bouwwerk uit de 18e eeuw, ontworpen door de architect Contant d’Ivry, en ademt een serene grootsheid. Een deel van het complex is omgevormd tot het Musée des Beaux-Arts, dat in 2026 een uitgebreid renovatieprogramma heeft afgerond voor de middeleeuwse zalen.
Het museum herbergt een indrukwekkende collectie, waaronder middeleeuwse sculpturen, Arras-tapijten uit de 14e en 15e eeuw, schilderijen van Vlaamse meesters en een reeks keramiek. Bijzonder is de sectie gewijd aan de verwoesting en wederopbouw van Arras, met foto’s, maquettes en persoonlijke getuigenissen die laten zien hoe ingrijpend de oorlogsschade was en hoe zorgvuldig de stad werd herbouwd. Het museum is geopend van woensdag tot en met maandag van 10.00 tot 18.00 uur; op dinsdag is het gesloten. De entreeprijs bedraagt € 8 voor volwassenen en € 4 voor jongeren tot 25 jaar. Op de eerste zondag van de maand is toegang gratis. De kathedraal van Saint-Vaast naast het museum is vrij toegankelijk en de gotische interieurruimte is een bezoek op zich waard.
De Citadel van Vauban en de Muur der Gefusilleerden
Aan de westrand van de stad ligt de indrukwekkende Citadelle d’Arras, ontworpen door de beroemde militaire architect Sébastien Le Prestre de Vauban in opdracht van Lodewijk XIV na de verovering van Arras op de Spanjaarden in 1659. De citadel, ook wel La Belle Inutile (de mooie nutteloze) genoemd, is gebouwd in de typische stervorm die Vauban door heel Frankrijk toepaste en staat eveneens op de Unesco-lijst als onderdeel van de Vauban-vestingwerken. Het complex is tegenwoordig in gebruik als militaire kazerne, maar een deel is toegankelijk voor het publiek.
Het meest ontroerende gedeelte van de citadel is de Mur des Fusillés, de Muur der Gefusilleerden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden hier meer dan tweehonderd verzetsstrijders, partizanen en politieke gevangenen geëxecuteerd door de Duitse bezetter. Een simpel maar indrukwekkend monument herdenkt hen. Je kunt de muur bereiken via een wandelpad dat door de vestinggreppels loopt; toegang is vrij. Rondleidingen over de citadel als geheel worden in het zomerseizoen (juni tot september) georganiseerd door het toeristenbureau aan de Place des Héros 17; tickets kosten circa € 9 per persoon. De stadsmuren en bastions zelf zijn het hele jaar door vrij toegankelijk als wandelgebied en bieden mooie vergezichten over de omliggende weiden.
Praktische informatie voor je bezoek aan Arras
Arras ligt op slechts 50 minuten met de TGV van Parijs-Gare du Nord en op circa 45 minuten rijden van Lille. Vanuit Nederland is de stad per auto goed bereikbaar via de A16/A26: reken op zo’n 2,5 uur vanuit Amsterdam. Er zijn gratis parkeerplaatsen langs de Boulevard Carnot en betaald parkeren op de Place Foch (circa € 1,50 per uur). Het historische centrum is compact en volledig te voet te verkennen. De beste reistijd is april tot juni en september tot oktober: de pleinen zijn dan minder druk dan in de zomervakantie, de meeste attracties zijn open en het weer is aangenaam. Het toeristenbureau aan de Place des Héros 17 is open van maandag tot en met zaterdag van 9.30 tot 18.00 uur en biedt gratis stadsplattegronden en informatie in het Nederlands. Combineer je bezoek eventueel met een uitstap naar de Canadese oorlogsbegraafplaats Vimy Ridge, op slechts 10 kilometer van het centrum.
Veelgestelde vragen over de geschiedenis van Arras
Wat maakt de Grand’Place van Arras zo bijzonder?
De Grand’Place en de aangrenzende Place des Héros vormen samen een van de grootste ensembles van Vlaamse barokarchitectuur buiten België. Wat de pleinen extra bijzonder maakt, is dat ze na de totale verwoesting tijdens de Eerste Wereldoorlog steen voor steen zijn herbouwd op basis van historische documenten. Ze staan op de Unesco Werelderfgoedlijst als onderdeel van de belfortenroute van België en Noord-Frankrijk.
Hoe oud zijn de ondergrondse tunnels van Arras?
De oudste delen van het tunnelnetwerk dateren uit de vroege Middeleeuwen, toen bewoners van Arras krijtsteen uithakten voor hun bouwprojecten en de ontstane ruimtes gebruikten als opslagkelders. Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden de tunnels door Nieuw-Zeelandse mijnwerkers aanzienlijk uitgebreid om tienduizenden soldaten te herbergen vóór de Slag om Arras in april 1917.
Zijn de historische bezienswaardigheden in Arras geschikt voor kinderen?
Ja, de meeste attracties zijn gezinsvriendelijk. De Carrières Wellington zijn bijzonder populair bij kinderen vanwege het avontuurlijke karakter van de tunnels, maar let op: kinderen jonger dan 7 jaar moeten begeleid worden en de sfeer kan behoorlijk indrukwekkend zijn. Het Musée des Beaux-Arts heeft interactieve elementen voor jongeren. Kinderen jonger dan 7 jaar hebben gratis toegang tot de Carrières Wellington.
Wanneer is de beste tijd om de Citadel van Vauban te bezoeken?
Rondleidingen door de citadel worden alleen aangeboden in het zomerseizoen, van juni tot en met september. De Muur der Gefusilleerden en de vestingomgeving zijn het hele jaar door vrij toegankelijk. Als je een officiële rondleiding wilt meemaken, reserveer dan vooraf via het toeristenbureau op de Place des Héros, want de groepen zijn klein en snel volgeboekt.
Hoe combineer ik een bezoek aan Arras met de slagvelden van de Eerste Wereldoorlog?
Arras is een uitstekend uitvalspunt voor de omliggende gedenkplaatsen. Het Canadese gedenkteken op de heuvelrug van Vimy ligt op slechts 10 kilometer van het centrum en is vrij toegankelijk. De Britse oorlogsbegraafplaats Faubourg-d’Amiens aan de Boulevard du Général de Gaulle in Arras zelf herdenkt bijna 3.000 gesneuvelde soldaten. Reken op een volle dag als je de stad én de slagvelden wilt combineren.
Informatie bijgewerkt in maart 2026.










